The Road to Tokyo 2020: Toegang tot sport voor mensen met een handicap in Nederland en Japan

De volgende editie van de Olympische en Paralympische spelen zal worden gehouden in 2020, in Tokio, Japan (Tokio 2020). In de aanloop naar dit evenement zijn verschillende sportorganisaties sociaalverantwoordelijke projecten gestart, waaronder de Nederlandse Olympische Commissie en de Nederlandse Sport Federatie (NOC*NSF). Het LeidenAsiaCentre heeft toegang gekregen tot het sociale integratie project, The Game Changer,  van het NOC*NSF, gericht op Tokio 2020. Dit project richt zich op toegang tot sport voor mensen met een handicap in Japan.

DOEL

Het LeidenAsiaCentre is gevraagd om een academische uiteenzetting te geven van de Japanse context wat betreft maatschappelijke vraagstukken omtrent mensen met een handicap en sport. In deze context en in samenwerking met het NOC*NSF, is de gekozen onderzoeksvraag: “Hoe is toegang tot sport voor mensen met een handicap institutioneel ingesteld, en hoe functioneren projecten die zich richten op sociale integratie in sport voor mensen met een handicap in deze context?”

Het Game Changer project is gestart door het NOC*NSF, de hoofdpartner van het LeidenAsiaCentre. Verscheidene Japanse organisaties zoals de Japan Sport Council en lokale gemeentes hebben de wens geuit om hun sport instituties te herstructureren in navolging van “het Nederlandse model”, zoals het wordt gezien. Het doel van de Game Changer, en tevens de slogan is “gebruik sport om de samenleving te veranderen” (supōtsu wo tsūjite shakai wo kaeru). Door het combineren van bezoeken van Nederlandse experts en Paralympiërs aan Japan, en bezoeken van Japans overheidspersoneel aan Nederlandse sportfaciliteiten, probeert het project om kennis te delen voor het verbeteren van de toegang tot sport voor atleten met een handicap.

ONDERDELEN

Dit project geeft inzicht in welke factoren wel of niet de verandering naar sociale inclusiviteit voor gehandicapten in Japan zullen initiëren, met name in het kader van toegang tot sport. Het project bevat twee geografisch verdeelde programma’s: het Japanse programma en het Nederlandse programma.

De eerste fase van het onderzoeksproject concentreert zich op de reguliere discoursen over handicap die dominant zijn in de Japanse samenleving, en voor vergelijk, waar passend, in de Nederlandse samenleving. De tweede fase bestaat uit een historische contextualisering van beleidsvorming en handicap in Japan. Dit project loopt tot 2020 in het kader van de Paralympische Spelen in Tokio en zal jaarlijkse rapporten publiceren en conferenties voor het grote publiek organiseren.

ONDERZOEKER

Anoma P. van der Veere

CONTACT

vanderveere@leidenasiacentre.nl
a.p.van.der.veere@hum.leidenuniv.nl

Europa en China

In 2016 voerde het LeidenAsiaCentre een project uit getiteld “China en Nederland”. De focus van dat project was de toenemende impact van Chinese studenten, toeristen en bedrijven op de Nederlandse economie en samenleving. Chinese uitwisselingsstudenten zijn de op-een-na grootste groep buitenlandse studenten in het Nederlandse hoger onderwijs. Elk jaar bezoeken 250,000 Chinese toeristen Nederland. Sinds een aantal jaar nemen Chinese investeringen rap toe, waaronder een aantal grote overnames. Aangezien er weinig literatuur hierover was, was dit project voornamelijk verkennend en descriptief, met als doel om informatie te verschaffen aan Nederlandse aandeelhouders. Met de informatie van de rapporten die we tijdens het project hebben gepubliceerd, zijn we nu in staat om een nieuw project op te zetten, dit keer met een bredere focus en bereik.

DOEL

Deze vervolgstudie bestaat uit twee sub-projecten die tegelijk zullen worden uitgevoerd, namelijk:

  1. Strategische impact van Chinese investeringen in Europa
  2. Invloed van China op onderzoek, innovatie en academische vrijheid in Europa

De Chinese Communistische Partij is opnieuw zijn grip op China’s politieke systeem en maatschappij aan het versterken. Daarnaast zijn er aanwijzingen dat de betrokkenheid van Chinese instellingen en individuen bij buitenlandse partners steeds meer wordt gekoppeld aan een strategische aanpak gecoördineerd door de autoriteiten in Beijing.

Het begrijpen van de reikwijdte, inclusiviteit, doelstellingen en verdere ontwikkeling van de visie van Beijing is dringend nodig in Europa, als we een adequaat antwoord op de impact van China op ons continent willen ontwikkelen. Het is niet voldoende om te stellen dat we ons al dan niet zorgen zouden moeten maken en dat we of de deuren zouden moeten sluiten voor China, of de zaken hun gang maar moeten laten gaan. Beide reacties zijn gebaseerd op vooroordelen en een gebrek aan een empirisch gefundeerd begrip van de aard van China’s strategische visie op Europa. Dit project heeft tot doel het onderzoek uit te voeren dat nodig is om dit inzicht te verschaffen.

De onderzoeksvragen bij dit project zijn:

  1. Wat zijn de doelstellingen, de reikwijdte en de strategie achter de pogingen van de autoriteiten in Beijing om de verschillende opdrachten van China en Europa met elkaar te verbinden?
  2. In hoeverre is deze strategie effectief geïmplementeerd?
  3. In hoeverre zijn de belangen van de EU en de Europese aandeelhouders op één lijn gebracht of niet in overeenstemming met de doelstellingen van het opkomende Chinese plan voor betrokkenheid bij Europa?
  4. Welke maatregelen kunnen de EU en de Europese stakeholders nemen om de voordelen te maximaliseren en de verplichtingen van hun betrokkenheid bij de Europese strategie van China tot een minimum te beperken

De sub-projecten zullen elk hun eigen onderzoeksvragen, methode, medewerkers, aandeelhouders en klankbordgroepen hebben, welke later zullen worden toegevoegd aan deze pagina. De projecten zullen tegelijkertijd worden uitgevoerd, en zullen aan het einde leiden tot gezamenlijke rapporten en evenementen. Onderzoek wordt uitgevoerd tussen januari en juni 2018. De rapporten zullen worden geschreven in juli en augustus 2018, en conferenties en evenementen voor aandeelhouders zullen plaatsvinden in september 2018.

DUUR

Januari 2018 – September 2018

ONDERZOEKERS

Onderdeel 1:

Prof Dr Frank Pieke
Frans-Paul van der Putten (Clingendael)
Matt Ferchen
Tianmu Hong
Jurriaan de Blécourt

Rapport
Assessing Europe-China collaboration in Higher Education and Research

Onderdeel 2:

Prof Dr Frank Pieke
Annemarie Montulet (KNAW)
Ingrid D’Hooghe
David Pho (University of Twente)
Marijn de Wolff

Stagiair: Joris van Schie

Rapport
Assessing China’s Influence in Europe through Investments in Technology and Infrastructure. Four Cases.

CONTACT

f.n.pieke@hum.leidenuniv.nl

 

Het oplossen van arbeidstekorten? De digitale transformatie in de Japanse dienstensector

Dit project zal onderzoeken op wat voor een manier de zogeheten ‘digitale economie’, waaronder automatisering en robotisering, problemen kan oplossen die gepaard gaan met arbeidstekort in de Japanse dienstensector (voedsel en transport/logistiek). Japan is een  This project will explore the degree to which the so-called ‘digital economy’ including automation and robotisation is able to resolve problems associated with the shortage of labour in the Japanesservice sector (food and transportation/logistics). Japan is bijzonder geschikt voor dit onderzoek aangezien het een van de meest geavanceerde industriële democratieën is die de vergrijzing van de bevolking en het tekort op de arbeidsmarkt het meest acuut heeft ervaren. Daar komt bij dat Japan een voordeel heeft vanwege een relatief geavanceerde ontwikkeling van de digitale economie. De dienstensector is relevant in deze context aangezien het een van de meest arbeidsintensieve sectoren in. In 2012 was meer dan 75% van de Japanse beroepsbevolking werkzaam in de dienstensector, hetgeen bijna 70% van Japan’s BBP genereerde.

DOEL

Het doel van dit project is om aan te tonen hoe de ontwikkeling van de digitale economie in de dienstensector het werk en de werkomgeving heeft veranderd. Ook zal dit project trachten tracht te achterhalen of de ontwikkeling van de digitale economie een oplossing zal bieden voor de uitdaging van een tekort aan arbeidskrachten op de lange termijn.

FASES

Dit project onderzoekt twee onderdelen van de dienstensector, namelijk de voedsel industry en de transport/logistiek industrie. Deze twee zijn gekozen niet alleen vanwege hun belangrijke positie binnen de Japanse economie, maar vanwege hun positie binnen de Nederlandse economie.

Fase Een. Het in kaart brengen van de recente groei van de digitale economie, inclusief automatisering, digitalisering en robotisering in de dienstensector (voedsel en (openbaar) vervoer / logistiek).

Fase Twee. Het analyseren van gerelateerde veranderingen in arbeidsrelaties: de positieve invloed van de digitale economie op de werkstijl, inclusief samenwerking met robots, verhoogde efficiëntie op de werkplek, en de negatieve invloed van de digitale economie op werknemers, inclusief verbeterde controle en monitoring op arbeid, vervagende verschillen tussen werk en leven, en een verdere toename van precaire arbeid (deeltijdwerkers), met daaropvolgende implicaties voor ongelijkheid en het vermogen van werknemers om te consumeren.

Fase Drie. Het identificeren van de sociaaleconomische implicaties van voortschrijdende technologie in het geval van Japan (oplossing voor arbeidstekorten, verandering in de balans tussen werk en privéleven, variëteiten van werkstijl, polariserende inkomsten en ongelijkheid, resulterende stagnerende consumptie, en langetermijnimplicaties op de macro van Japan economie).

Het onderzoek zal in de eerste helft van 2018 worden verfijnd tijdens ontmoetingen met maatschappelijke partners. De bevindingen zullen op een conferentie in oktober 2018 worden gepresenteerd.

DUUR

Januari 2018 – Oktober 2018

ONDERZOEKER

Dr Saori Shibata

CONTACT

s.shibata@hum.leidenuniv.nl

Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen in Azië: Casussen van MVO beleid en uitvoering in de texiel en bouw sector

In 2017 publiceerde de Global Slavery Index een rapport waarin stond dat werkomgevingen in Azië verantwoordelijk zijn voor 2/3 van de wereldwijde slavernij en mensenhandel. Dit aantal is niet alleen problematisch op zichzelf, deze omstandigheden leiden ook tot andere arbeidsproblemen zoals onvoldoende werkveiligheid en onderbetaling.
Om ervoor te zorgen dat erbarmelijke omstandigheden op de werkvloer worden bestreden, en dat internationale verdragen worden gerespecteerd, is een zogeheten Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen (MVO) beleid bij veel bedrijven in het leven geroepen. Dit beleid is volledig vrijwillig, en varieert dan per bedrijf dan ook sterk in detail, lengte en focus.

DOEL

Het doel van dit project is om de werking van MVO in ketenaansprakelijkheid in Azië te onderzoeken. Dit onderzoek zal case studies gebruiken om de huidige staat van MVO in Azië in kaart te brengen – zowel best-practices als tekortkomingen – en zal proberen aan te tonen wat er nodig is voor effectievere MVO in de regio.
Het project, een samenwerking tussen het LeidenAsiaCentre en Mondiaal FNV, zal zich richten op het beleid van rechtstreekse leveranciers/fabrikanten (first tier), en waar mogelijk op tweederangs leveranciers/fabrikanten. Mondiaal FNV is niet alleen expert op het gebied van MVO reglementen en beleid, het heeft ook onderzoekers en monitors in Azië in dienst, hetgeen zorgt dat het onderzoek kan profiteren van een hands-on aanpak en solide bronmateriaal.

PIJLERS

Om de reikwijdte van het project te verkleinen zal het onderzoek zich richten op twee casussen. In dit geval zullen het casussen zijn uit sectoren die bekend staan om arbeidsschendingen: de textielindustrie en de bouwindustrie.
1. MVO en ketenaansprakelijkheid in regionale projecten in Zuid Azië gefinancierd door de Asian Development Bank, de Asia Infrastructure and Investment Bank en de Wereldbank
Deze casus onderzoekt bouwprojecten in Zuid Azië die zijn gefinancierd door een van de drie bovengenoemde banken, met een specifieke focus op projecten die worden uitgevoerd door Japanse, Chinese of Zuid Koreaanse bedrijven. Oost-Aziatische aanwezigheid in Zuid-Azië is enorm, dus projecten uitgevoerd door Oost-Aziatische bedrijven zullen een van de belangrijkste voorwaarden zijn bij het kiezen van projecten voor deze pijler, omdat dit vaak ook de grootste projecten zijn.
2. MVO en ketenaansprakelijkheid: Noord Koreaans-vervaardigde stoffen en kleding in binnen- en buitenland
De tweede pijler is een duidelijke afgebakende case study, die ingaat op de product keten van kleding en textiel gemaakt door Noord Koreanen, vaak verkocht als “Made in China”. Deze stoffen worden zowel in Noord Korea, als door Noord Koreanen in Chinese fabrieken gemaakt. Deze pijler zal MVO onderzoeken, in het bijzonder het voldoen aan internationale mensenrechtenverplichtingen zoals uiteengezet in de OESO-richtlijnen voor multinationals en de VN Richtlijnen.

Beide pijlers zullen gedurende de duur van het project expert meetings organiseren, met een gedeelde open conferentie aan het einde om de bevindingen en implicaties te bespreken.

PARTNERS

Dit project wordt uitgevoerd in samenwerking met Mondiaal FNV, lees meer over hun werkzaamheden op hun website.

DUUR

Januari 2018 – Maart 2019

VACATURES

Voor dit project zijn er vacatures open. Voor meer informatie, ga naar onze website.

CONTACT

Remco Breuker

remco@leidenasiacentre.nl

Leids Netwerk voor Onderzoek naar de Japanse Constitutie

Constitutionele revisie staat opnieuw op de politieke agenda in Japan nadat premier Shinzo Abe aankondigde dat hij revisies in 2020 doorgevoerd zou willen zien. In dit geval betekent het dat Artikel 9 van de grondwet gewijzigd zal worden. Artikel 9 werd opgesteld na de Tweede Wereldoorlog om Japans militaire vermogen te beteugelen, en te zorgen voor stabiliteit in de regio. Sindsdien is er echter veel veranderd op strategisch gebied, zoals de toegenomen marine-activiteiten van China, en Noord Korea’s nucleaire ontwikkelingen, waardoor dit artikel volgens revisionisten overbodig is geworden. Ondanks de focus op de strategische kant van de revisie in het publieke debat, heeft premier Abe duidelijk gemaakt dat voor hem de revisies ook gelinkt zijn aan nationale identiteit en trots.

Tegen de achtergrond van deze plannen zijn er ook academici en activisten die juist sterk tegen de revisies zijn, omdat ze de vredelievendheid van de grondwet willen beschermen, of omdat ze bang zijn dat de manier waarop premier Abe de revisies probeert door te drukken in strijd is met de Japanse rechtsstaat. Hoewel het erop lijkt dat de revisies doorgevoerd gaan worden, is de strijd dus zeker nog niet gestreden.

DOEL

Dit project probeert het debat over constitutionele verandering in Japan te verkennen door een Leids Netwerk voor Onderzoek naar de Japanse Constitutie op te zetten. Het doel is om een breder debat over de Japanse grondwet te faciliteren vanuit meerdere perspectieven, en om bronmateriaal over de grondwet en de revisies dat nog niet in het Engels verkrijgbaar is, toegankelijk te maken voor een breder publiek. Ook zal het project onderzoek doen naar de binnenlandse implicaties van het debat, en in beeld brengen wat de betekenis van dit debat is voor mensenrechten in Azië.

ONDERDELEN
  1. Veldwerk in Japan, met als resultaat publicaties van peer-reviewed artikelen

Afgezien van het versterken van het netwerk van het LeidenAsiaCentre in Japan, zullen de onderzoekers zich richten op de impact die het debat over de grondwet heeft op rechten en vrijheden in Japan. Het doel is om de bevindingen te publiceren in ten minste twee artikelen, uiterlijk in het najaar van 2019.

  1. Een symposium, momenteel gepland voor voorjaar 2018, en een tweede symposium met veel van dezelfde sprekers in Azië in 2018
  2. Het ontwikkelen van een website en een database voor Engelstalig bronmateriaal over het constitutionele debat

Om de beschikbaarheid van historische en hedendaagse bronnen in het Engels over de grondwet van Japan te verbeteren, wordt er een database opgezet met functies zoals een interactieve tijdlijn, en toegang tot vertalingen van primaire bronnen en artikelen over de grondwet.

DUUR

January 2018- end 2019

ONDERZOEKERS

Dr Erik Herber

Dr Bryce Wakefield

CONTACT